De paus geeft een levensschets van Franciscus en legt vervolgens uit dat hoewel ‘bepaalde historici van de XIXe en zelfs van de laatste eeuw geprobeerd hebben om achter de Franciscus van de traditie een zogenaamde historische Franciscus te creëren, zoals men achter de Jezus van de Evangelies een zogenaamde historische Jezus probeert te creëren, die geen man van de Kerk geweest zou zijn, maar een man die rechtstreeks en uitsluitend met Christus verbonden was, een man die het volk Gods wou vernieuwen zonder canonieke vormen en zonder hiërarchie’ dit beeld bepaald niet klopt en Franciscus zich wel degelijk volledig en met zijn hart in de gemeenschap van de Kerk, met de paus en de bisschoppen, voegde.